Hoe breng je een discussie tot een besluit?
- Esther & Elske
- 31 okt 2024
- 2 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 2 nov 2024
Joost is voorzitter van een directieteam.
Hij belt ons met de vraag: “Willen jullie ons helpen efficiënter te vergaderen”?
“We discussiëren te lang, we polderen en nemen te weinig en soms geen besluiten”, aldus Joost.
Een paar weken later wonen we een vergadering bij, en inderdaad we zijn het met Joost eens.
Dat kan beter. We vragen aan het directieteam naar het meest pittige “hoofdpijndossier” van dat moment.
Waarover moet de discussie en het te nemen besluit gaan?
Hybride werken, is het antwoord en dan vooral het aantal verplichte dagen dat er op kantoor gewerkt moet worden.
Daar is men het wel over eens, dat is en blijft een lastig te voeren gesprek.
Weer een paar weken later zitten we met het directieteam en een aantal van hun collega’s aan een ronde tafel.
Een ronde tafel is fijn. Met een kring met mensen er om heen.
King Arthur en de kleuterjuf, stammen, allemaal zitten ze graag in een kring.
Niet voor niets, allemaal in een kring.
We leggen het vraagstuk in het midden op de tafel, letterlijk op een stuk papier.
Het cirkelen gaat beginnen.
Iedereen spreekt zich uit, we nemen de tijd. Vertragen om later te versnellen.
Vertragen voor meer draagvlak en minder weerstand op een later moment.
We weten immers uit onderzoeken dat de mens niet per sé gelijk wil hebben of krijgen.
Wel willen we gehoord worden. Dat is precies wat we doen bij uitspreken.
We horen elkaar.
Van uitspreken gaan we naar bespreken.
Samen praten en vragen stellen. Luisteren en overleggen. Discussie.
Zo lang als nodig voor een gezamenlijk beeld.
Om dan ook de stap te kunnen maken naar afspraken maken.
Een besluit nemen. Van discussie naar besluit.
Er is geen consensus, zo gaat dat vaker. Dat hoeft en kan ook niet altijd.
Organisatie- en teambelangen gaan wel voor individuele belangen.
Het directieteam neemt onder leiding van Joost een besluit.
Joost herhaalt het besluit dat genomen is. En vraagt om committment.
Hier ja zeggen en dan ook ja doen. Ook als het lastig wordt.
Zo wordt het aanspreken van elkaar op een later moment ook makkelijker.
Want we hadden toch afgesproken dat…….?
